Logo

Werken met data: de speelgoed metafoor

| 30 augustus 2020 | Overige

Gebruik van metaforen is gevaarlijk. Het beschrijft niet de echte situatie, maar is een methode om een complex probleem inzichtelijk te maken. Ik heb er een moeizame verhouding mee, want mensen gaan met de simplificatie op de loop en de echte complexiteit blijft onbesproken. Desondanks, ik gebruik een metafoor.

Afbeelding dat speelgoed als data weergeeft. Illustratie bij dit artikel.

Wat vraagt werken met data van een organisatie?

Uitleggen welke voorwaarden werken met data stelt blijft lastig, ook in 2020. Het lijkt soms of mensen verstarren als het onderwerp aan bod komt. Het is ook niet makkelijk, er komt veel complexe technologie bij kijken. Gebruikers van informatie hebben vaak weinig begrip van wat de informatie voorstelt en weten vaak niet eens dat ze de kennis en vaardigheden ontberen. De boodschap landt maar moeizaam dat werken met data vereist dat mensen met verschillende vaardigheden continu met elkaar samenwerken. Het is een proces.

Maar het meest ingewikkeld is proberen uit te leggen dat data beschikbaar maken niet voldoende is. Om informatie waardevol te laten zijn moet je voortdurend energie steken in het ordenen van je data landschap, te beginnen bij de vastlegging van gegevens.

Mensen weten dat datakwaliteit een issue is, mensen snappen dat ze zoiets abstracts als ‘data governance’ moeten inrichten, maar oorzaak en gevolg aan elkaar knopen en begrijpen wat ze moeten doen om hun data landschap productief te krijgen en te houden is vaak een brug te ver. Het wordt dan weggewuifd om maar niet geconfronteerd te hoeven worden met het probleem. 

De metafoor

Stel je het data landschap voor als een kinderkamer met speelgoed. De bedoeling is dat het speelgoed dat niet gebruikt wordt netjes is opgeruimd, maar iedereen weet dat de werkelijke situatie is dat de kamer een chaos van speelgoed is dat overal verspreidt ligt.

Data is soms een brandweerauto of barbie, een bedacht object met een duidelijke functie, maar vaker is het lego, playmobil of mecano.

Als je iets wilt bouwen met lego en al het speelgoed ligt door de kamer verspreid alsof er een bom is afgegaan, in plaats van dat alle lego in aparte opbergdozen ligt, dan kost het veel meer energie om iets te maken. En dat zie je iedere keer weer gebeuren.

Kan technologie dat niet verhelpen voor ons?

Technologie is de opbergdozen. Het helpt alleen als je de discipline hebt om netjes op te ruimen. Werken met data is niet een kwestie van speelgoedmanagement. Werken met data is de kinderen die met het speelgoed spelen.

Je kan steeds meer opbergdozen toevoegen in de hoop dat speelgoed dan opgeruimd wordt, maar dat heeft geen zin. Je zal met elkaar moeten afspreken welk speelgoed in welke doos gaat en vasthouden aan de afspraak die je hebt gemaakt: de lego bij de lego, de playmobil bij de playmobil, de barbies op de plank en de auto’s in de kast.

Een hele grote opbergbox kopen en daar alle lego, playmobil, brandweerauto’s, barbies en mecano in gooien maakt de kamer schijnbaar opgeruimd, maar succes als je een brandweerauto van lego wilt maken.

Wat zijn algoritmen dan?

Algoritmen en andere informatieproducten zoals dashboards zijn de instructies die met de lego, playmobil of mecano komen. Soms moet je de instructies precies volgen om iets te kunnen bouwen, soms laat je een kind zijn creativiteit gebruiken om iets te maken van lego.

Als kinderen gaan spelen, dan maken ze een wereld waarin de barbiepop, de brandweerauto en dingen die ze zelf bouwen met lego in een spel samen een verhaal vertellen. Dat verhaal is iets wat alleen wij mensen kunnen maken. Technologie gaat het verhaal niet voor je verzinnen. Als dat je verwachting is, word je keer op keer teleurgesteld. Het is het fantasieloze kind dat iedere keer om nieuw speelgoed vraagt en er vervolgens niet mee speelt omdat het gefrustreerd raakt en vervolgens gaat zeuren om nieuw speelgoed. Het is soms ook het verwende kind, het rupsje-nooit-genoeg dat altijd het speelgoed wil hebben dat de buurjongen of buurmeisje ook heeft en niet kijkt naar wat het zelf heeft.

Als je denkt dat dit kinderlijk of belerend is, bedenk dan maar eens welke discussies je hebt in een gemiddelde organisatie rond data.

Waar gaat deze speelgoed metafoor mank?

Er is een continue stroom van nieuwe legosteentjes, barbiepoppen en playmobil poppetjes. Er zijn ook kinderen die halverwege het spel opstaan en beginnen te schreeuwen dat we nu een ander spel gaan spelen.

Mank gaan? Die schreeuwende kinderen kan iedereen wel stiekem aanwijzen. Sterker, we zijn allemaal schreeuwende kinderen die het spel continue willen veranderen en dan boos worden als anderen niet snel de brandweerwagen van lego kunnen ombouwen naar een vliegtuig.

De metafoor en de realiteit

Iedereen kan dit verhaal begrijpen. Vervang de woorden speelgoed, opbergdozen en handleiding door data, data lakes en AI en je krijgt ineens een discussie waarbij mensen moeilijk gaan kijken, zich vastklampen aan techno-religies en heel erg een mening over data hebben zonder ooit zelf iets met lego gebouwd te hebben. 

Terwijl het zo simpel is: werken met data is als kinderen die samen moeten spelen met het speelgoed dat beschikbaar is en iedere dag een nieuw spel moeten maken. Dit wordt pas een soepel proces als je het speelgoed iedere keer weer netjes ordent in de juiste opbergbox, ook als er nieuw speelgoed bij komt. Ingewikkelder dan dit is het niet.



Reacties via e-mail